Kapitaalverzekeringen met lijfrenteclausule

Besluit van 12 maart 1971, nr. B71/2156

De levensverzekeringsmaatschappijen aangesloten bij de Nederlandse Vereniging ter Bevordering van het Levensverzekeringswezen hebben in het kader van een verlaging van hun tarieven voor nieuw te sluiten individuele verzekeringen in het jaar 1969 besloten ook aan de houders van lopende polissen gedurende de resterende looptijd van hun verzekeringen voordeliger condities aan te bieden.

Hiertoe kan elke maatschappij een keuze maken uit de navolgende methoden, waarbij het mogelijk is dat voor een deel der portefeuille systeem a 1 en voor een ander deel systeem a 2, onderscheidenlijk voor een deel b 1 en voor een ander deel b 2, wordt gekozen.

a. Bestaande verzekeringen zonder aandeel in de winst

1. Deze verzekeringen worden voor wat betreft het door toekomstige premiën op te bouwen deel op nieuw tarief omgerekend, hetgeen resulteert in een verhoging van het verzekerde bedrag voor éénmaal, terwijl de premie ongewijzigd blijft, of

2. Deze verzekeringen worden winstdelend, terwijl premie en gegarandeerd verzekerd bedrag ongewijzigd blijven.

b. Bestaande verzekeringen met aandeel in de winst

1. Deze verzekeringen ondergaan geen formele wijziging, maar wel zullen de in de toekomst te verwachten winstuitkeringen of winstbijschrijvingen stijgen, of

2. Het bedrag dat tot dusver als zgn. "winstopslag" in de premie van deze verzekeringen was begrepen wordt aangewend als premie ter verhoging van het verzekerde bedrag voor éénmaal en de resterende premie zonder winstopslag wordt voor de toekomst aangemerkt als premie met winstopslag, zodat de bestaande verzekering winstdelend blijft.

Ik keur goed dat het opnemen van deze nieuwe condities in de polissen geacht wordt geen wijziging of aanvulling op te leveren van de aanspraken welke de houders van polissen van levensverzekering met lijfrenteclausule afgesloten vóór 1 juli 1964 reeds bezaten.

De overgangsregeling van artikel 75, tweede lid, van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 zal derhalve, ook bij invoering van de nieuwe condities, bij afkoop of omzetting van de polissen onverkort van toepassing zijn.

De Staatssecretaris van Financiën,

Voor deze,

De Directeur-Generaal der Belastingen,

W.J. VAN BIJSTERVELD.